Ik loop over straat naar huis. Het is mooi weer. Op de één of andere manier ben ik in een prima humeur en ik fluit een liedje. Zomaar een deuntje, ik denk er niet bij na. Er komt een man met een hond aan de lijn voorbij. Hij kijkt me lachend aan. Ik stop even met fluiten en lach vriendelijk terug en buk me om zijn hondje te aaien. Ik heb niks met honden, maar deze is niet zo groot en ziet er lief uit. Als hij voorbij is fluit ik door.
Opeens word ik op de rug getikt. Ik schrik me een ongeluk. Het is diezelfde vent.
“Hoe heet dat voor liedje?”
“Liedje?”
“Dat liedje dat je fluit…”
“Geen idee, ik fluit maar wat”
“Neeneenee, ik ken het, ik heb het eerder gehoord maar ik kan niet op de naam komen”
Ik weet niet wat ik moet zeggen. Totaal onbewust dat ik iets floot dat al bestond.
“Nee, ik heb geen idee”
Hij begint te neuriën wat ik zo’n beetje floot. Ik kijk ‘m niet begrijpend aan.
“Jawel”, zegt ‘ie, “toe nou… hoe heet het… het is heel bekend”
“Ik heb echt geen idee”
“Weet je wat, we gaan nu naar de platenwinkel en gaan het vragen. Die jongen daar, die weet alles. Heb je tijd?”
O jeetje, denk ik… dit is wel de meest suffe versiertruc die ik in tijden heb meegemaakt. Maar hij ziet er wel aardig uit en ik heb geen haast. Hij loopt met me mee naar het winkelcentrum en we gaan de winkel binnen. Hij vraagt bij de balie of hij weet wat het liedje is en begint het melodietje te zingen. Hij vraagt me om mee te doen. Maar ik weet toch óók niet wat het is? Ik lach wat schamper en doe voorzichtigjes mee. De jongen van de platenwinkel weet het ook niet. De man probeert het nog een keer. Nu harder. Hij heeft wel een mooie stem. Op het laatst galmt hij bijna door de winkel. Ik doe mee en we moeten vreselijk lachen. Maar we komen er niet uit.
“Nou jammer” zegt hij, “we komen er niet achter en zit de hele dag met dit liedje in m’n kop. Wat erg.”
“Tsja”, zeg ik.
Hij pakt een pen uit z’n zak en schrijft z’n telefoonnummer op een briefje. “Zullen we telefoonnummers uitwisselen? Als 1 van ons weet hoe het liedje heet, dan kunnen we dat elkaar tenminste vertellen”.
Nou ja, ik heb hem m’n telefoonnummer ook gegeven. Het mag dan een versiertruc zijn, ik vind het wel leuk.