Wilma’s Webblok

maandag, 26 november, 2007

Politiebureau

Ingedeeld onder: Ergernissen, Etiquette, Ontmoetingen — Wilma Blok @ 17:06

Vanmorgen ging de telefoon. Het was de politie. Of ik vanmiddag even op het bureau wilde komen om de man die mij had geslagen wilde identificeren. Ze hadden hem vanmorgen aangehouden en verhoord. Het enige wat ze nu nog even zeker moesten weten van mij was of het inderdaad de dader was. Het klonk allemaal vreselijk gewichtig en officieel, dus ik naar het bureau.

Ik had me allerlei scenario’s in het hoofd gehaald met beelden uit Amerikaanse politie-series in m’n hoofd van zo’n line-up en dat ik dan de verkeerde koos en ik maakte me dus vreselijk nerveus. Het ging allemaal heel anders. Ik kwam aan bij het bureau, meldde me bij de receptie en mocht meelopen naar een kamertje. Ik kreeg meteen koffie (vieze automatenkoffie, maar ik kréég iets van de politie, anders dan een bekeuring!) en na vijf minuten kwam een politieman om nog even de aangifte door te nemen. De dader had bekend en wilde mij spreken om z’n excuses aan te bieden. Daar schrok ik nogal van. Geen idee waarom, maar ik had er eigenlijk geen behoefte aan. Ik dacht dat ik hem alleen hoefde te identificeren. Dat was op zich ook wel zo, maar als het voorval in de minne geschikt kon worden was dat voor alle betrokkenen beter, volgens de politie.
Jaja… minder werk voor jullie, dacht ik. Enfin, ik ben toch maar akkoord gegaan en even later werd de man die me had geslagen binnengeleid. Hij leek wel een meter kleiner dan vorige week op straat en hij was ook vrij timide.

Hij vertelde me een heel verhaal met veel omhaal van woorden dat hij nogal opgefokt was geweest door problemen thuis en dat zijn vrouw moeilijk deed en heel veel blabla… allemaal om duidelijk te maken dat hij het echt niet zo bedoeld had maar dat er iets knapte en zo.
“Ja maar dat is geen reden om iemand zo maar te slaan”, zei ik. “Had gewoon gezegd: ‘Hou je bek, kutwijf’ en dan was je het ook kwijt geweest”
Nou, er volgde weer een heel verhaal van ADHD en moeilijke jeugd en uit een gezin met met veel agressie en dat hij niet zo sterk in z’n schoenen stond enzovoorts enzovoorts. Voor iemand die zich moeilijk kan beheersen en zegt niet zo taalvaardig te zijn kwamen de excuses en de smoesjes heel vlot z’n mond uit. Ik geloofde er allemaal niks van.

Na een tijdje kwam de aap uit de mouw. Hij was al eerder veroordeeld voor een geweldsmisdrijf en als het nog een keer gebeurde werd de straf hoger en dat kon hij zich niet veroorloven want dan raakte hij z’n baan kwijt, en als hij zijn baan kwijtraakte dan kon hij zijn gezin niet onderhouden en dan draaide het uit op een scheiding en meer van die doemverhalen. Dus waar het op neer kwam was eigenlijk de vraag of ik alsjeblieft de aangifte wilde intrekken. Ik zei hem dat ik er even alleen over na wilde denken. Toen hij weer weggeleid werd vroeg ik de agent: “Waarvoor is hij eerder veroordeeld?”, ook al kon ik het antwoord wel raden. “Ik mag het eigenlijk niet vertellen”, zei de agent. “Wat jullie eufemistisch huiselijk geweld noemen zeker?”, vroeg ik. Er volgde een veelbetekend en bevestigend knikje. Ik heb de aangifte niet ingetrokken.
“Moet ik nu ook getuigen bij de rechtszitting?” vroeg ik.
Dat schijnt niet te hoeven. De aangifte en de getuigenverklaringen zijn voldoende. Ik mag wel naar de zitting als ik zou willen en mag ook mijn verhaal doen, maar het is niet nodig. Ik zit er niet op te wachten, dus voor mij is de kous nu af.

dinsdag, 20 november, 2007

Klantenservice

Ingedeeld onder: Ergernissen, Etiquette, Raar — Wilma Blok @ 15:57

Gisteren lag mijn internetverbinding eruit. Ik roem me altijd om mijn zelfredzaamheid en dus is het eerste wat ik deed het probleem met een handleiding zelf proberen op te lossen. Wie schrijft die dingen? Het is allemaal abracadabra voor me. Behalve alle technische termen in het Engels waar ik niks van snap, is het Nederlands ook niet om over huis te schrijven. Vooral daar waar het allerlei interessant-doenerige Engelse terminologie vernederlandst. Dan krijg je een jaar soort steenkolen-engels. Dunglish (Dutch-English) heet dat. Slecht Engels én slecht Nederlands. Helemaal grappig is dat de handleiding bij problemen verwijst naar een internet-pagina en een e-mail adres. Ja duh! Hoe kom je daar als je probleem is dat je geen verbinding hebt?

Ondanks mijn grote weerzin tegen bellen ontkom je er dan niet aan. Je moet bellen met de hulplijn (helpdesk, noemen ze dat.). Ik toetste het nummer.
Vrouwenstem 1: “Dit informatienummer kost het lokale tarief plus de kosten voor het gebruik van uw mobiele telefoon.”
Vrouwenstem 2: “Welkom bij de klantenservice van èt hoom
Wilt u informatie over internet en bellen van èt hoom of u aanmelden als abonnee? Toets 1. Wilt u een storing doorgeven of technische assistentie? Toets 2. Heeft u vragen of uw factuur of wilt u een wijziging of verhuizing doorgeven? Toets 3.”
Ik toets 2, want dat wil ik.
Vrouwenstem 2: “Heeft u internet plus bellen van èt hoom? Toets 1. Heeft u alleen internet van èt hoom. Toets 2. Wilt u terug naar het hoofdmenu, toets 9.”
Ik toets 2, want dat heb ik. (Hoeveel menu’s moet ik nog? denk ik ondertussen…)
Vrouwenstem 2: “Toets nu de 4 cijfers van uw postcode in. “
Ik toets braaf de 4 cijfers in.
Er zijn geen storingen bij u in de regio gemeld. Wilt u terug naar het hoofdmenu kies 9. Wilt u de verbinding verbreken toets sterretje. Wilt u technische hulp blijft u dan aan de lijn, u wordt doorverbonden.”

Hèhè… het duurt even maar dan ben je waar je wezen moet.
Vrouwenstem 3: “Op dit moment zijn al onze medewerkers in gesprek, blijft u aan de lijn, u wordt zo snel mogelijk geholpen”. En toen begon een muziekje….
Na 3 minuten kwam vrouwenstem 3 dezelfde boodschap herhalen.
Het duurde nog even en toen ging de telefoon over. Vrouwenstem 4: “Met de helpdesk van èt hoom, heeft u nog één momentje?”
“Nou, eigenlijk niet…” mompelde ik, in de veronderstelling dat dit ook een bandopname was.
“Nou, dan hangt u toch weer op?” zei ze.
“Oh sorry, ik dacht u een bandje was”, zei ik en ik moest vreselijk lachen… oh wat stom was dat…
Hoe dan ook, ze vroeg me van alles, abonnementsgegevens en postcode. “Postcode? Die heb ik toch al gegeven aan het begin van de hele telefoonsessie?”
“Ja, maar die krijgen wij niet te zien mevrouw”, zei ze.
Nou, enfin… heel gedoe met instellingen en stekkertjes en zooi… Maar we kwamen eruit en na een halve middag was ik terug “online”. Gelukkig maar.

donderdag, 8 november, 2007

Vloeken

Ingedeeld onder: Ergernissen, Etiquette, Raar — Wilma Blok @ 15:39

Sinds kort is er bij de thuiszorg een nieuwe collega. Ze is niet zo vaak op kantoor, maar zoals iedereen huppelt ze regelmatig even binnen voor ’t een of ander, tussen de klanten door. Yvonne heet ze. ’t Is best wel een leuk meisje om te zien en ze werkt heus heel hard. Ze heeft maar 1 nadeel, ze is heel erg christelijk. Dat is op zich niet erg, maar ze slaat er nogal in door. Er is aan de buitenkant niets van te zien, ze kleedt zich heel modern; geen lange rokken en zwarte kousen, alleen een klein kruisje om een ketting.

Dat ze nogal streng in de leer is viel ons op kantoor op bij de lunch toen ze vroeg om stilte en ging bidden voor haar boterhamzakje met plakje brood. Dat is apart, maar vooruit, dat mag allemaal. Gisteren kwam ze naar me toe toen ik druk bezig was met de roosters voor December. Een heel gepuzzel altijd want juist in December met die feestdagen wil eigenlijk iedereen vrij en is er ook een grote vraag om extra hulp. Ik ben er al een tijdje mee bezig en dat gaat af en toe niet zonder gevloek. Juist daarover viel ze.

Of ik niet zoveel wilde vloeken wat dat kwetste haar heel erg. Ik was in eerste instantie nogal verbouwereerd. Ik weet wel dat ik af en toe even hartgrondig vloek uit frustratie, maar ik kan me niet indenken dat iemand daarover valt. Het zijn maar woordjes. Gelukkig ben ik niet op m’n mondje gevallen dus ik diende haar wel van repliek en plotseling hadden we een hele discussie over geloof enzo. En ik kon dat allemaal wel onzin vinden, maar Yvonne vond dat ik haar moest respecteren en dat ik moest ophouden met al dat gevloek. Annemarie, onze baas, had het van een afstandje allemaal glimlachend aangehoord en toen bemoeide ze zich ermee.
“Ja Wilma… hou godverdomme eens op met al dat gevloek! Jezus… niet normaal af en toe.”

donderdag, 25 oktober, 2007

Anijsmelk

Ingedeeld onder: Eten & Drinken, Etiquette, Ontmoetingen — Wilma Blok @ 15:45

Voor de thuiszorg doe ik voornamelijk administratief werk. Ik zou wel als alfahulp kunnen werken, maar dat mag ik eigenlijk niet want daar moet je papieren voor hebben. Ik snap niet goed waarom, want het gaat dan feitelijk slechts om bejaarden wassen, aardappels schillen, thee zetten, plee schoonmaken en bed verschonen en zo’n probleem kan dat niet zijn, maar regels zijn regels, dus ik hou me meestal bezig met planning, rekeningen en administratieve hand- en span diensten. Maar zo af en toe, als er iemand onverwacht ziek wordt dan mag ik invallen. Laatst moest ik invallen bij meneer en mevrouw de Jong, een bejaarde echtpaar. Zij is erg slecht ter been en hij dementeert een beetje.

Ze wonen in een aanleunwoninkje en ze zijn heus heel flink, maar sommige dingen gaan niet meer. Ze kan nog prima zichzelf wassen en aankleden… dat wil zeggen: er staat een stoel in de douche. En hij kan van alles voor haar doen, maar soms vergeet hij wat hij ook alweer moest in de keuken als zij hem om iets had gevraagd. Nou ja, allemaal niet zo erg, maar sommige dingen gaan echt niet meer. Schoonmaken, de was, boodschapjes doen en dat soort dingen. Een gewone particuliere werkster zou al genoeg zijn, maar ze hebben slechts AOW dus zijn ze aangewezen op thuiszorg. Enfin, toen ik daar gisteren was en ik de badkamer had schoongemaakt, de was netjes opgeruimd en een kopje thee voor ze had gezet zei meneer de Jong, die rustig op de bank zat TV te kijken, opeens, zomaar: “Anijsmelk! Ik wil anijsmelk!”

“Heeft u anijsblokjes in huis, mevrouw de Jong, dan wil ik het wel even maken?” vroeg ik.
“Geen aandacht aan geven,” zei ze, “hij roept wel vaker wat”.
“Maar als hij dat graag wil…?”
“Ach, hij wil het niet eens, hij herinnert zich iets van vroeger”, zei ze.
“Nee… ik wil anijsmelk”, zei meneer de Jong, “ik heb er gewoon zin in.”
Ik ging naar de keuken op zoek naar anijsblokjes. Ik kon ze nergens vinden.
“Er zijn geen anijsblokjes in huis, meneer de Jong”, zei ik. Dus u zult het moeten doen met een kopje thee. De teleurstelling viel van z’n gezicht te lezen. Ik vond het zo zielig dat ik ’s avonds anijsblokjes had gehaald en de volgende dag een mok lekkere warme anijsmelk voor hem had gemaakt.
“Wat is dat?” vroeg hij wantrouwend
“Anijsmelk… daar vroeg u gisteren om”, zei ik nog…
“Gatverdamme, ik háát anijsmelk, ik moest het vroeger ook altijd van mijn moeder drinken. Haal weg!”

woensdag, 26 september, 2007

Hangjeugd

Ingedeeld onder: Ergernissen, Etiquette, Winkelen — Wilma Blok @ 15:03

Bij voorkeur doe ik mijn boodschapjes ’s avonds. Zo vlak na het eten is het lekker rustig op straat en in de winkel. Dan heb je een beetje de ruimte en loop je niemand in de weg als je uitgebreid het idioot grote assortiment aan diverse soorten dipsausjes, vruchtenkwark of biskwietjes bestudeert. Niet dat ik er iets van koop, maar ik ben altijd weer verbaasd over de artikelen die in het schap liggen waarvan ik het bestaan niet eens wist en die blijkbaar wel verkocht worden. Op een zaterdag, als hele gezinnen met jengelende kinderen hun karren tot de nok toe volladen voor de hele week heb je toch minder tijd voor dergelijke verbazing.

’s Avonds, door de week, is het dan een stuk aangenamer. En je kunt nog eens praatje aangaan met deze of gene. Ik loop dus met grote regelmaat ’s avonds even naar de buurtsuper en de laatste tijd viel me op dat er bijna altijd een groepje jongens bij de deur staat. Ze doen verder niks, een beetje hangen, sigaretjes roken en kletsen. Ik heb er verder geen last van maar het valt me gewoon op.

Wat me ook opvalt is dat puberjongetjes altijd zoveel spugen. Is dat normaal? Is er iets in ontwikkeling van jongetjes dat overmatig speeksel aanmaakt? Ik kan me zo voorstellen dat een verhoogde testosteronspiegel er iets mee te maken heeft, maar dan zouden vrouwen in de overgang ook continu op straat lopen te spuwen en dat zie ik eigenlijk nooit. Het zijn altijd pubers van een jaar of 14 tot 16 die hele fluimen op straat kwakken zonder er bij na te denken.

’t Is allemaal niet zo erg, maar het is natuurlijk geen gezicht. Het staat zo vies en onbeschoft. Ik kan me ook niet voorstellen dat er meisjes zijn die spugende jongetjes leuk vinden. Dat willen ze wel; leuk gevonden worden door meisjes.

zondag, 23 september, 2007

Zandbak

Ingedeeld onder: Etiquette, Verlegenheid — Wilma Blok @ 15:08

Vlakbij het winkelcentrum in de buurt is de lagere school. Bij de lagere school spelen altijd kinderen, ook in het weekend. Er zijn grote klimrekken, een basketbalpleintje, allerlei speeltoestellen en een zandbak. Ik loop er vaak voorbij als ik op weg ben naar het één of ander. Vandaag liep ik er voorbij en ik zag twee kinderen enorm druk in de zandbak. Een jongetje en een meisje van ongeveer 6 jaar oud. Het jongetje ken ik niet, het meisje wel. Dat is het dochtertje van een collega van de thuiszorgvereniging waar ik wat vrijwilligerswerk voor doe. Leuke vrouw, schattig dochtertje.

Toen ik dichterbij kwam hoorde ik ze duidelijk tekeergaan. Ze waren ruzie aan het maken. Met behoorlijk heftige taal en schuttingwoorden. Ik schrok ervan, zulke grove woorden uit de monden van zulke kleine kinderen. Ik besloot er wat van te zeggen en ze uit elkaar te halen. Hillary Clinton indachtig, “it takes a village”, nietwaar… Het hele dorp moet zorg dragen voor de opvoeding van de nieuwe generatie en ik hoor bij de opvoeders.

“Houden jullie eens op met ruzie maken! Uit elkaar, en ga maar naar huis, als jullie niet lief kunnen spelen.”
Verbaasd keken 2 paar kinderogen naar me op.
“We doen toch niks?” zei het jochie.
“We spelen vadertje en moedertje”, zei het meiske.
Ik stond met m’n bek vol tanden. Zo gaat dat dus in die gezinnen. “Nou, ik vind het niet goed”, stamelde ik, “speel maar wat anders”.
Moet ik mijn collegaatje erop aanspreken? Ik weet het niet.

donderdag, 13 september, 2007

Kassa

Ingedeeld onder: Etiquette, Verlegenheid, Winkelen — Wilma Blok @ 14:34

Er staat een neger bij de kassa. Hij heeft 5 pakken meel 3 bussen zonnebloemolie en een kratje bier af te rekenen. Zonder dat ik hem ken weet ik dat hij één of ander ingewikkeld Afrikaans brood gaat bakken. Het is ‘n mooi manneke hoor. Hij betaalt met een briefje van 20 euro en geeft z’n bonuspasje. Dat had hij vooraf moeten doen, maar Sabine van de kassa had vergeten hem ernaar te vragen. Dan blijkt dat hij de taal niet geheel machtig is. Onderwijl geeft ze hem zijn wisselgeld. Omslachtig legt ze dan uit dat hij de bonuspunten bij de servicebalie moet halen. De man kijkt naar de bon. Hij kijkt dan naar zijn wisselgeld. Het klopt niet. In gebrekkig Nederlands probeert hij duidelijk te maken dat ze te weinig heeft teruggegeven. Die bonuspunten interesseren hem geen bal. Maar Sabine legt weer uit dat hij bij de servicebalie moet zijn. Ze is zo bezig met correct te zijn, terwijl je haar ziet denken: “domme neger, die amper Nederlands praat, heb ik weer!”

“Ai geef twenty euro”, zegt hij nogmaals
Eindelijk dringt het tot Sabine door dat ze verkeerd zat met het wisselgeld. Ze krijgt een vuurrode kop.
“O sorry… ik dacht het om de punten ging”
De mevrouw voor me in de rij bemoeit zich er mee.
“Ja, ik heb het gezien, hij gaf 20.”
“Ja sorry”, zegt Sabine, “ik was zo met die punten bezig”
Ik bemoei me er ook maar mee. Je moet toch wat.
“Ach ja, eenmaal met één ding in de war blijf je war. Adem diep in… Rustig maar”
Sabine lacht. “Ja stom ook”.

Even later heb ik ook afgerekend en loop met m’n tasje de winkel uit. Voor me loopt de neger zomaar de servicebalie voorbij. Met voldoende wisselgeld maar hij vergeet z’n bonuspunten.

Blog op Wordpress.com.